• JAN LIJKT DOM HOOR, JUF ! OVER EERLIJK PRATEN OVER VERSCHILLEN IN DE KLAS

    • Kinderen hebben, net als volwassenen, vaak een stereotiep beeld van wat een bepaalde beperking of stoornis inhoudt. Een leraar hoeft geen specialist te zijn.  Het is niet nodig om elke stoornis, handicap of beperking perfect in medische termen te kunnen omschrijven.  Het is wel belangrijk om een idee te hebben van de sterktes en de zwakke kanten van de kinderen die in je klas zitten.  Tijdens deze vorming maak je kennis met die mogelijk sterke en zwakke kanten van kinderen met leerstoornissen als dyslexie, dyscalculie of diagnoses als autisme, ADHD, hoogbegaafdheid, …
    • Als leraar kan je problemen die kinderen ervaren bij het leren, gerust benoemen.  Door ook sterke kanten te benadrukken en gedrag te verklaren vanuit de moeilijkheden die kinderen en jongeren ervaren, komt er meer begrip in de klas.   Maar hoe pak je zulke gesprekken concreet aan ?  Je krijgt voorbeelden, oefent en leert al doende.